
Degenen die uitblinken in deze uitdaging tonen niet alleen wiskundig vermogen, maar ook de capaciteit voor abstract denken en probleemoplossing. Hun geesten zijn getraind om snel relaties tussen getallen te identificeren en de volgende logische stap te anticiperen.

Ben je klaar voor de uitdaging om je intelligentie te bewijzen door deze wiskundige puzzel binnen de gestelde tijd op te lossen? Haal diep adem, concentreer je en laat je wiskundige instincten je naar het juiste antwoord leiden.
Geslaagd? Gefeliciteerd!
Niet gelukt? Bekijk de uitleg hieronder

Het antwoord is 30. Hieronder hebben we de gedetailleerde oplossing gedeeld.
Voor de eerste twee rijen:
8 ÷ 4 = 2 en 24 ÷ 8 = 3
6 ÷ 3 = 2 en 18 ÷ 6 = 3
Dus we zien dat in een rij:
Getal in de tweede kolom = 2 × Getal in de eerste kolom
Getal in de derde kolom = 3 × Getal in de tweede kolom
Wanneer we dezelfde logica toepassen op de derde rij, krijgen we:
5 × 2 = 10 en 10 × 3 = 30
Daarom is het ontbrekende getal 30.